-A +A

Eindelijk een echte nieuwe en goede wet op de internering? Deel 3: De uitvoeringsfase

Publicatie
Auteur: 
Heimans H
Auteur: 
Vander Beken T
Auteur: 
Schipaanboord E
Tijdschrift: 
Rechtskundig weekblad
Uitgever: 
intersentia
Jaargang: 
2016-2017
Pagina: 
603
Samenvatting

De wet van 4 mei 2016 repareerde een aantal weeffouten en materiële vergissingen in de wet van 5 mei 2014, zodat de nieuwe wetgeving voor het grootste gedeelte op 1 oktober 2016 in werking is getreden.

De reparatiewet heeft evenwel ook inhoudelijk bijgestuurd. Zo is er nu een drempel ten aanzien van feiten waarvoor een internering kan worden opgelegd en een verdere ontwikkeling van de professionalisering van het deskundigenonderzoek en het klinisch observatiecentrum. Inzake de uitvoering van de internering zijn er aanpassingen m.b.t. de bevoegdheden en de procedures van de kamer voor de bescherming van de maatschappij en de herinvoering van internering van veroordeelden.

Inhoudstafel tekst: 

I. Inleiding
II. Algemene bepalingen en positie van het slachtoffer (art. 2-4)
III. De gerechtelijke fase (art. 5-18)
A. Het psychiatrisch deskundigenonderzoek en de inobservatiestelling
B. Rechterlijke beslissingen tot internering
C. Onmiddellijke opsluiting en vrijstelling al dan niet onder voorwaarden
D. Procedure voor de onderzoeksgerechten en het hof van assisen
E. Kosten, teruggave en bijkomende veiligheidsmaatregelen
IV. De uitvoeringsfase
A. Uitvoeringsmodaliteiten van de internering en bijhorende voorwaarden
B. Procedure
C. Voorlopige aanhouding
D. Definitieve invrijheidstelling
E. Gelijktijdige tenuitvoerlegging van een internering en een veroordeling tot een vrijheidsstraf
F. Opnieuw internering van veroordeelden
G.Cassatieberoep
V. Diverse bepalingen
VI. Wijzigingsbepalingen
VII. Overgangsbepalingen
VIII. Conclusie

Bronverwijzingen:

• H. Heimans, T. Vander Beken en A.E. Schipaanboord, «Eindelijk een echte nieuwe en goede wet op de internering? Deel 1: de gerechtelijke fase», RW 2014-15, 1043-1064;
• H. Heimans, T. Vander Beken en A.E. Schipaanboord, «Eindelijk een echte nieuwe en goede wet op de internering? Deel 2: de uitvoeringsfase», RW 2015-16, 42-62.
• H. Heimans, «Krachtlijnen van de nieuwe interneringswet. Een verloren kans?», Fatik 2015, nr. 145, p. 10-31; H. Heimans en T. Vander Beken, «De interneringswet van 5 mei 2014» in J. Casselman, R. De Rycke en H. Heimans (eds.), Nieuwe interneringswet en organisatie van de zorg, Brugge, die Keure, 2015, 49-110;
• A.E. Schipaanboord en T. Vander Beken, «De interneringswet van 2014» in C. Wittouck, K. Audenaert en F. Vander Laenen (eds.), Handboek forensische gedragswetenschappen, Antwerpen, Maklu, 2015, 53-80.
• P. Verpoorten, «De wet van 5 mei 2014 betreffende de internering van personen», T.Strafr. 2015, 284)
 

Gerelateerd
Bibliotheek
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve
Aangemaakt op: za, 28/01/2017 - 17:13
Laatst aangepast op: za, 28/01/2017 - 17:44

Alle mensen zijn gelijk, ook vrouwen - Over gendergelijkheid in de professionele loopbaan

Publicatie
Auteur: 
Van Gerven Dirk
Uitgever: 
Knops
Jaargang: 
2016
ISBN nummer: 
978-9-4603-5464-9
Samenvatting

Alle mensen zijn gelijk, ook vrouwen - Over gendergelijkheid in de professionele loopbaan

Toelichting door de uitgever

Dit boek belicht de noodzaak van de gelijke behandeling van vrouwen en mannen in het professionele leven. Het gaat in op de diepgang van de ongelijke behandeling en op ieders onbewuste vooringenomenheid over het traditionele rollenpatroon. Volgens Dirk Van Gerven dient dit prehistorische beeld te wijzigen naar een gedeelde verantwoordelijkheid in het gezin en huishouden, om zo voor vrouwen en mannen gelijke kansen te creëren op het werk en doorheen hun loopbaan. Ook het belang van die gelijke behandeling voor de economie en het bedrijfsleven komt aan bod, evenals een aantal voorstellen om ze te bewerkstelligen.

Citaat van de auteur:

”Een gelijke behandeling van mannen en vrouwen zal het leven voor iedereen beter maken, zeker ook voor de vrouw die zonder schuldgevoel aan haar loopbaan wil timmeren.”

Gerelateerd
Aangemaakt op: za, 28/01/2017 - 17:06
Laatst aangepast op: za, 28/01/2017 - 17:10

Wet betreffende de aantekening van beroep van gevangenzittende of geïnterneerde personen

Afkondiging: 
din, 25/07/1893
Publicatie: 
vri, 28/07/1893

Lees deze wettelijke bepalingen inhoudende de wijze waarop hoger beroep in de gevangenis kan aangetekend middels deze link

Lees ook: Koninklijk besluit tot vereenvoudiging van sommige vormen van de strafvordering ten opzichte van de gedetineerden via deze link

Tekst van de wetgeving: 

De potpourri IV wet van 25/12/2016 wijzigde de wettelijke bepalingen als volgt:

Art. 33. In het opschrift van de wet van 25 juli 1893 betreffende de aantekening van beroep van gevangenzittende of geïnterneerde personen, vervangen bij de wet van 14 februari 2014, wordt het woord "hoger" ingevoegd tussen de woorden "aantekening van" en het woord "beroep" ingevoegd en wordt het woord "gevangenzittende" vervangen door het woord "gedetineerde".

Art. 34. Artikel 1 van dezelfde wet, laatstelijk gewijzigd bij de wet van 19 december 2014, wordt vervangen als volgt :
"Artikel 1. In de gevangenissen, inrichtingen of afdelingen tot bescherming van de maatschappij en de gemeenschapscentra voor minderjarigen die een als misdrijf omschreven feit hebben gepleegd, kunnen door de personen die erin opgesloten of geïnterneerd zijn, de verklaringen van hoger beroep in strafzaken en de verzoekschriften waarin nauwkeurig de grieven worden bepaald die tegen het vonnis worden ingebracht, aan de directeur van die instelling of zijn gemachtigde worden gedaan.
In de gevangenissen en inrichtingen of afdelingen tot bescherming van de maatschappij worden deze verklaringen gedaan en deze verzoekschriften ingediend binnen de door de Koning te bepalen openingsuren van de griffie van deze instellingen.
Deze verklaringen en verzoekschriften hebben dezelfde uitwerking als die ter griffie of door de griffier ontvangen.
Uiterlijk de eerste werkdag volgend op de verklaring van hoger beroep wordt daarvan een akte van hoger beroep opgesteld, die bewaard wordt in een daartoe bestemd register.
De akte van hoger beroep vermeldt minstens :
1° de identiteit van de persoon die de verklaring heeft afgelegd;
2° de datum waarop die verklaring heeft plaatsgevonden;
3° de bestreden rechterlijke beslissing;
4° de identiteit en de hoedanigheid van de persoon die de akte heeft opgesteld;
5° de ondertekening door de persoon die de verklaring heeft afgelegd en de persoon die de akte heeft opgesteld.
De directeur of zijn gemachtigde bezorgt dezelfde dag een kopie van deze akte van hoger beroep via het snelste schriftelijke communicatiemiddel aan de griffier van de rechtbank waarvan de beslissing uitgaat waartegen beroep wordt ingesteld.
De directeur of zijn gemachtigde bezorgt aan de griffier van de rechtbank waarvan de beslissing uitgaat waartegen beroep wordt ingesteld, het verzoekschrift waarin nauwkeurig de grieven worden bepaald die tegen het vonnis worden ingebracht, uiterlijk de eerste werkdag volgend op de ontvangst ervan, met vermelding van de datum van ontvangst.".

Art. 35. In artikel 2 van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 14 februari 2014, worden de woorden "het bericht en het proces-verbaal" vervangen door de woorden "de akte van hoger beroep".

Art. 36. Artikel 3 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt :
"Art. 3. De directeur of zijn gemachtigde mag van de krachtens artikel 1 opgestelde akten van hoger beroep geen andere kopie afleveren dan die waarvan in dat artikel melding is gemaakt.".

Art. 37. In artikel 4, eerste lid, van dezelfde wet, gewijzigd bij de wet van 14 februari 2014, worden de woorden "afschriften der aangiften van beroep" vervangen door de woorden "kopieën van aktes van hoger beroep".

Wijzigingen van het koninklijk besluit nr. 236 van 20 januari 1936 tot vereenvoudiging van sommige vormen van de strafvordering ten opzichte van de gedetineerden

Art. 52. Artikel 2 van het koninklijk besluit nr. 236 van 20 januari 1936 tot vereenvoudiging van sommige vormen van de strafvordering ten opzichte van de gedetineerden, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 28 december 2006 en de wetten van 19 december 2014 en 5 februari 2016, wordt vervangen als volgt :
"Art. 2. Wanneer hij die verzet doet, zich in hechtenis bevindt, kan het verzet tegen de veroordelingen in strafzaken, uitgesproken door de hoven van beroep, de correctionele rechtbanken en de politierechtbanken, gedaan worden door middel van een verklaring aan de directeur of zijn gemachtigde van een gevangenis, van een inrichting of afdeling tot bescherming van de maatschappij of van een gemeenschapscentrum voor minderjarigen die een als misdrijf omschreven feit hebben gepleegd.
In de gevangenissen en inrichtingen of afdelingen tot bescherming van de maatschappij worden deze verklaringen gedaan binnen de door de Koning te bepalen openingsuren van de griffie van deze instellingen.
Uiterlijk de eerste werkdag volgend op deze verklaring wordt daarvan een akte van verzet opgesteld, die bewaard wordt in een daartoe bestemd register.
De akte van verzet vermeldt minstens :
1° de identiteit van de persoon die de verklaring heeft afgelegd;
2° de datum waarop die verklaring heeft plaatsgevonden;
3° de bestreden rechterlijke beslissing;
4° de identiteit en de hoedanigheid van de persoon die de akte heeft opgesteld;
5° de ondertekening door de persoon die de verklaring heeft afgelegd en de persoon die de akte heeft opgesteld.
De directeur of zijn gemachtigde bezorgt dezelfde dag een kopie van deze akte van verzet via het snelst mogelijke schriftelijke communicatiemiddel aan de ambtenaar van het openbaar ministerie bij de rechtbank of het hof waarvan de beslissing waartegen verzet wordt gedaan, uitgaat.
De akte van verzet brengt van rechtswege dagvaarding mee op de eerstkomende terechtzitting na het verstrijken van de termijnen en wordt als ongedaan beschouwd indien de eiser in verzet niet verschijnt.
Onmiddellijk na de ontvangst van de kopie van de akte van verzet, roept de ambtenaar van het openbaar ministerie de eiser in verzet op voor deze terechtzitting, volgens de in artikel 1 beschreven vorm.".

Art. 53. Artikel 3 van hetzelfde koninklijk besluit, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 28 december 2006 en de wet van 19 december 2014, wordt vervangen als volgt :
"Art. 3. De directeur of zijn gemachtigde mag van de krachtens artikel 2 opgestelde akten van verzet geen andere kopie afleveren dan die waarvan in dat artikel melding is gemaakt.".

Art. 54. In artikel 4 van hetzelfde koninklijk besluit worden de woorden "processen-verbaal, registers, berichten en uitgiften" vervangen door de woorden "akten van verzet en registers".
 

 

Gerelateerd
Aangemaakt op: vr, 13/01/2017 - 14:29
Laatst aangepast op: vr, 13/01/2017 - 14:32

De geestelijke gezondheidszorgberoepen: nieuwkomers in de wet op de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen

Publicatie
Auteur: 
Vanermen E
Auteur: 
Nys H
Tijdschrift: 
Rechtskundig Weekblad
Uitgever: 
Intersentia
Jaargang: 
2016-2017
Pagina: 
522
Samenvatting

De wet op de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen (WUG») werd gewijzigd bij wet van 4 april 2014 en een wet van 10 juli 2016.
Krachtlijnen:
1. Verwijzingsplicht voor alle beoefenaren van een gezondheidszorgberoep opgenomen.
2. Introductie van de geestelijke gezondheidszorgberoepen daarin.
3. Vastlegging wie wat onder welke voorwaarden mag binnen de klinische psychologie, de klinische orthopedagogiek en de psychotherapie.
 

Inhoudstafel tekst: 

I. Inleiding
II. De wet op de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen
A. De ontspoorde systematiek van de WUG 7
B. De WUG en de ggz-beroepen voor de wettelijke regeling van de ggz-beroepen
III. De wettelijke regeling van de verwijzingsplicht en de ggz-beroepen
A. De verwijzingsplicht
B. De uitoefening van de klinische psychologie en de klinische orthopedagogiek
1° De inhoud van de wettelijke regeling
a) De klinische psychologie/orthopedagogiek voorbehouden (art. 68/1, § 1 en art. 68/2, § 1 WUG)
b) De erkenning in de klinische psychologie/orthopedagogiek (art. 68/1, § 2 en art. 68/2, § 2 WUG)
c) De wettelijke omschrijving van de klinische psychologie/orthopedagogiek (art. 68/1, § 3 en art. 68/2, § 3 WUG)
d) De professionele stage van de klinisch psycholoog/orthopedagoog (art. 68/1, § 4 en art. 68/2, § 4 WUG)
e) Titelbescherming voor de klinisch psycholoog/orthopedagoog (art. 128/1 WUG)
f) Rechten en plichten van de klinisch psycholoog/orthopedagoog
2° Beschouwingen
C. De uitoefening van de psychotherapie
1° De inhoud van de wettelijke regeling
a) De algemene regel: de psychotherapie is een behandelingsvorm voorbehouden aan bepaalde artsen, klinisch psychologen en klinisch orthopedagogen (art. 68/2/1, § 1, § 2 en § 3 WUG)
b) De eerste uitzondering: verworven rechten (art. 68/2/1, § 4 en § 5 WUG)
c) De tweede uitzondering: de openingsclausule (art. 68/2/1, § 6 WUG)
d) Plichten en kwaliteitswaarborgen voor psychotherapiebeoefenaren
2° Beschouwingen
E. De Federale Raad voor de geestelijke gezondheidszorgberoepen
IV. Besluit

Noot
• H. Nys en E. Vanermen, «De wet op de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen ontspoord» in VRG Alumni (ed.), Recht in beweging. 23ste VRG-Alumnidag 2016, Antwerpen-Apeldoorn, Maklu, 2016, 143-170.
 

Gerelateerd
Aangemaakt op: vr, 06/01/2017 - 16:00
Laatst aangepast op: vr, 06/01/2017 - 16:00

Niet-consensuele verspreiding van seksuele beelden. Analyse van wetgevende initiatieven in de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en België

Publicatie
Auteur: 
Beyens J
Auteur: 
Lievens E
Tijdschrift: 
NJW
Uitgever: 
Kluwer
Jaargang: 
2016
Pagina: 
654
Samenvatting

Wraakporno is het verspreiden van seksuele foto’s of filmpjes zonder de toestemming van de afgebeelde persoon met de bedoeling deze te schaden. De daders beperken zich niet tot het verspreiden van beeldmateriaal maar voegen hieraan naam, telefoonnummer, e-mail, werkplek, adres en seksuele voorkeur. 
Uit een cassatiearrest van 31/03/2015, bleek een lacune in de Belgische wet, waardoor bestraffing onmogelijk leek.
De wet van 1 februari 2016 inzake de niet-consensuele verspreiding van seksuele beelden verhielp aan deze tekortkoming

Inhoudstafel tekst: 

De nieuwe wettelijke bepalingen inzake wraakporno en voyeurisme ingevoegd in het strafwetboek door de wet van 01/02.2016:

Art. 371/1 strafwetboek: "Met een gevangenisstraf van zes maanden tot vijf jaar wordt gestraft hij die :
1° een persoon observeert of doet observeren of van hem een beeld- of geluidsopname maakt of doet maken,
- rechtstreeks of door middel van een technisch of ander hulpmiddel,
- zonder de toestemming van die persoon of buiten zijn medeweten,
- terwijl hij ontbloot is of een expliciete seksuele daad stelt, en
- terwijl hij zich in omstandigheden bevindt, waar hij in redelijkheid kan verwachten dat zijn persoonlijke levenssfeer niet zal worden geschonden;
2° de beeld- of geluidsopname van een ontblote persoon of een persoon die een expliciete seksuele daad stelt zonder diens toestemming of buiten diens medeweten toont, toegankelijk maakt of verspreidt, ook al heeft die persoon ingestemd met het maken ervan.
Worden deze feiten gepleegd op de persoon of met behulp van de persoon van een minderjarige boven de volle leeftijd van zestien jaar, dan wordt de schuldige gestraft met opsluiting van vijf jaar tot tien jaar.
Is de minderjarige geen volle zestien jaar oud, dan is de straf opsluiting van tien jaar tot vijftien jaar.
Het voyeurisme bestaat, zodra er begin van uitvoering is.".

Wraakporno kan ook burgerlijk benaderd als schending van een intellectueel recht: zie Rb. Antwerpen, 12/06/2008, RABG 2008/20 1267-1270

(C.V.Z. / NV V.P.)

(Advocaten: Mr. G. Philipsen en Mr. D. Blommaert)

(…)

Gerelateerd
Aangemaakt op: di, 06/12/2016 - 13:39
Laatst aangepast op: di, 06/12/2016 - 16:29

Natuurlijke rechter

Afkondiging: 
woe, 26/03/2014
Publicatie: 
don, 22/05/2014

De natuurlijke redchter is de rechter die het meest geschikt is om het geschil te beslechten..

Deze wet omvat een bevoegdheidsuitbreiding van de rechtbank van koophandel en de vrederechter vervat in artikel 573 Ger.W., het basisartikel inzake de materiële bevoegdheid van de rechtbanken van koophandel.

Het "bedrag van het geschil" is niet langer doorslaggevend het bepalen van de bevoegdheid van de rechtbank van koophandel.

Inzake de hoedanigheid van de partijen stelt het gewijzigde artikel 573 Ger.W. heeft een eiser die geen ondernemingen is, de mogelijkheid zijn vordering aan de rechtbank van koophandel voor te leggen, op voorwaarde dat de vordering betrekking heeft op een economische activiteit van de verweerder.

Het nieuwe artikel 591 Ger.W.,voorziet thans in de bevoegdheid van de vrederechter van de woonplaats van de verweerder, voor geschillen tot invordering tussen, enerzijds, leveranciers van nutsvoorzieningen, en anderzijds, natuurlijke personen die geen onderneming is., wanneer de natuurlijke persoon in gebreke blijft tot betaling van een factuur voor levering nutsvoorziening.

In dit kader bepaalt het artikel 628, 25° Ger.W. sinds de Wet van 26 maart 2014 dat de (vrede)rechter van de woonplaats van de verweerder bevoegd is om kennis te nemen van het geschil.

Gecoördineerde actuele versie van de wet: 

Gerelateerd
Aangemaakt op: ma, 05/12/2016 - 14:26
Laatst aangepast op: ma, 05/12/2016 - 14:26

Wet tot wijziging van de wet van betreffende de bestrijding van de betalingsachterstand bij handelstransacties

Afkondiging: 
woe, 26/03/2014
Publicatie: 
don, 22/05/2014
Gecoördineerde actuele versie van de wet: 

Gerelateerd
Aangemaakt op: ma, 05/12/2016 - 14:10
Laatst aangepast op: ma, 05/12/2016 - 14:10

Wet tot wijziging van het Gerechtelijk Wetboek en de wet van 2 augustus 2002 betreffende de bestrijding van de betalingsachterstand bij handelstransacties met het oog op de toekenning van bevoegdheid aan de natuurlijke rechter in diverse materies

Aangemaakt op: ma, 05/12/2016 - 14:07
Laatst aangepast op: ma, 05/12/2016 - 14:08

Een potpourri van de voorlopige hechtenis

Publicatie
Auteur: 
Mennes Ivo
Tijdschrift: 
Rechtskundig Weekblad
Uitgever: 
Intersentia
Jaargang: 
2016-2017
Pagina: 
562
Samenvatting

In de Potpourri II-wet werden ook bepalingen gewijd aan de voorlopige hechtenis. Deze bijdrage belicht op kritische wijze de verschillende stadia van de voorlopige hechtenis in het kader van de nieuwe wetsbepalingen, met uitvoerige verwijzing naar recente rechtspraak en rechtsleer.

Inhoudstafel tekst: 

I. Inleiding

II. Vrijheidsbeneming en de arrestatietermijn van 24 uur

A. Duur van de arrestatietermijn

B. De aanvang van de arrestatietermijn

C. Einde van de arrestatietermijn

III. Periodieke controle van de voorlopige hechtenis tijdens de fase van het gerechtelijk onderzoek

A. Eerste handhavingsprocedure

B. «Maandelijkse» handhavingsprocedure

C. Maandelijkse of tweemaandelijkse handhavingsprocedure

D. De verdachte verschijnt in persoon of bij advocaat

E. De verdachte verschijnt bij videoconferentie

F. De verdachte verschijnt in de gevangenis

G. Elektronisch toezicht in de fase van het gerechtelijk onderzoek

H. Beperkt cassatieberoep

IV. De regeling van de rechtspleging

A. Elektronisch toezicht bij de regeling van de rechtspleging

B. Bevel tot gevangenneming

V. Voorlopige hechtenis in de fase van het vonnisgerecht

A. Verzoekschrift tot invrijheidstelling en de nieuwe wachttijd

B. Elektronisch toezicht na regeling van de rechtspleging

C. Videoconferentie tijdens de fase voor de vonnisrechter

D. Verschijning in de gevangenis

E. Geen cassatieberoep meer mogelijk

F. Het nieuwe bevel tot aanhouding door de feitenrechter

G. Keuze van woonplaats na invrijheidstelling

VI. Besluit
 

Gerelateerd
Aangemaakt op: za, 03/12/2016 - 09:37
Laatst aangepast op: za, 03/12/2016 - 09:37

Bitcoins in het Belgische strafrecht en strafprocesrecht

Publicatie
Auteur: 
Sofie Royer
Tijdschrift: 
Rechtskundig Weekblad
Uitgever: 
Intersentia
Jaargang: 
2016-2017
Pagina: 
483
Samenvatting

Na een introductie over het ontstaan en de werking van bitcoins, bespreekt dit artikel de implicaties van deze munt voor het straf- en strafprocesrecht. De munt vertoont zowel kenmerken vertoont van goederen als van gegevens. Hieruit volgt dat bitcoins in tegenstelling tot andere gegevens vatbaar zijn voor diefstal. Op strafprocedureel vlak tonen bitcoins onder meer aan dat de regels over databeslag niet zo technologieneutraal zijn als de wetgever initieel beoogde. Tot slot zoomt het artikel in op de specifieke uitdagingen die bitcoins opleveren voor de uitvoering van de bijzondere verbeurdverklaring.

Inhoudstafel tekst: 

Bitcoins in het Belgische strafrecht en strafprocesrecht 1

Inleiding

I. Bitcoins: wat, waarom en hoe?

Wat is Bitcoin?

Waarom is bitcoin uitgevonden?

Hoe werkt bitcoin?

Hoe bitcoins verwerven en bewaren?

Wat zijn de risico’s van bitcoins?

Regulering van bitcoins?

Zijn bitcoins geld?

II. Relevante misdrijven 69

A. Ontvreemden van bitcoins

Ontvreemding met of zonder materiële drager –

1o Goederen of gegevens?

België

Diefstal van virtuele spelobjecten, belminuten en elektronische gegevens

Grijze zone

2o Diefstal of informaticamisdrijven?

Diefstal

Relevante informaticamisdrijven

B. Witwassen

Nieuwe uitdagingen

Preventieve bestrijding

Repressieve bestrijding

III. Procedureel kader

A. Toegang nemen tot bitcoins

Traditionele zoekingen

Informaticazoeking

Netwerkzoeking

B. Bitcoins in beslag nemen

1o Klassiek beslag of databeslag?

België

Nederland

Effectieve inbeslagname

Verenigde Staten van Amerika

Bewaring of verkoop?

Bewaring en beheer

Vervreemding?

C. Ontsleutelen van beveiligde wallets door de verdachte

Encryptie en ontsleutelplicht

Non-incriminatie?

D. Medewerking van wallet providers en exchangers

Ontsleutelen

Identificeren

IV. Bijzondere verbeurdverklaring

A. Wettelijke basis

Begrip

Nederland

B. Uitvoering

Uitdagingen

Verenigde Staten van Amerika

Besluit

Vloek of zegen

Vis noch vlees

Bronvermeldingen

• HvJ 22 oktober 2015, C-264/14, Skatteverket t/ David Hedqvist.

• C. Conings, «Beslag op bitcoins», Computerr. 2015, 79

• X, «COIV worstelt met bitcoin», Juristenkrant 2015, afl. 302, 14

• M. Torfs, «Voor het eerst bitcoins in beslag genomen in België», 13 januari 2015, www.deredactie.be.

• R. Steennot, Elektronisch betalingsverkeer, Antwerpen, Intersentia, 2002, 751 p.

• D. Desmet, «Virtuele munten gaan door plafond van 1000 dollar», De Standaard 28 november 2013, 24-25

• D. Desmet, «Virtuele munten gaan in rook op», De Standaard 26 februari 2014, 2-3

• X, «Bitcoin op hoogste koers in twee jaar», De Standaard 14 juni 2016, 21).

• Freteur, «La saisie et la confiscation de titres en droit pénal belge: état de la question en pratique» in P. Freteur en P. Tilliet (eds.), Saisies et confiscations. Questions d’actualité, Brussel, Larcier, 2011, 85-101.

• S. Nakamoto, Bitcoin: A Peer-to-Peer Electronic Cash System, https://bitcoin.org/bitcoin.pdf (consultatie 13 oktober 2016) (hierna: «S. Nakamoto, Bitcoin: A Peer-to-Peer Electronic Cash System»).

• X, ««Vader van de bitcoin» maakt zich kenbaar», De Standaard 2 mei 2016, www.standaard.be

• X, «Wil de echte bitcoin-vader opstaan?», De Standaard 3 mei 2016, 27).

• J. Brito en A. Castillo, Bitcoin: A Primer for Policymakers, 6-7.

• M. LY, «Coining Bitcoin’s «Legal-Bits»: Examining the Regulatory Framework for Bitcoin and Virtual Currencies», Harvard Journal of Law & Technology 2014, (588) 593.

• «How to Build a Democracy on the Blockchain» op www.ethereum.org/dao. T. Spaas en M. Van Roey, «Quo vadis Bitcoin?», Computerr. 2015, (113) 116

• J. Brito en A. Castillo, Bitcoin: A Primer for Policymakers, 18-19.

• A. Engelfriet, «Ontwikkeling en Recht: waar gaat het heen met Bitcoin?», Tijdschrift voor internetrecht 2014, 149.

• C.K. Elwell, M.M. Murphy en M.V. Seitzinger, Bitcoin: Questions, Answers, and Analysis of Legal Issues, Congressional Research Service, 28 januari 2015, 2, www.fas.org/sgp/crs/misc/R43339.pdf (consultatie 13 oktober 2016)

• K. L. Penrose, «Banking on Bitcoin: Applying Anti-Money Laundering and Money Transmitter Laws», North Carolina Banking Institute 2013-14, (529) 534.

• J. Lane, «Bitcoin, Silk Road, and the Need for a New Approach to Virtual Currency Regulation», Charleston Law Review 2013-14, (511) 522-523.

https://bitcoin.org/nl/kies-uw-portemonnee.

https://bitcointrezor.com/.

https://bitcoin.org/nl/beveilig-uw-portemonnee.

• X, Warning to consumers on virtual currencies, European Banking Authority, 12 december 2013, www.eba.europe.eu

• EBA Opinion, 21. Zie ook ECB, Virtual currency schemes, 18 e.v.).

• J. Brito en A. Castillo, Bitcoin: A Primer for Policymakers, 20

• M. Ly, «Coining Bitcoin’s «Legal-Bits»: Examining the Regulatory Framework for Bitcoin and Virtual Currencies», Harvard Journal of Law & Technology 2014, (588) 604

• R. Mcmillan, «The Inside Story of Mt. Gox, Bitcoin’s $460 Million Disaster», 3 maart 2014, www.wired.com). Een ander voorbeeld: J. Menin, «Former U.S. Secret Service agent suspected in additional Bitcoin thefts», Reuters 30 juni 2016, www.reuters.com (EBA Opinion, 25

• X, Manhattan U.S. Attorney Announces Seizure of Additional $28 Million Worth of Bitcoins Belonging to Ross William Ulbricht, Alleged Owner and Operator of «Silk Road» Website, FBI, 25 oktober 2013, www.fbi.gov

• European Monitoring Centre for Drugs and Drug Addiction and Europol, EU Drug Markets Report: In-Depth Analysis, EMCDDA–Europol Joint publications, Publications Office of the European Union, Luxembourg, 2016, www.emcdda.europa.eu/system/files/publications/2373/TD0216072ENN.PDF (consultatie 13 oktober 2016).

• United States District Court 18 september 2014, Case No. 4:13-CV-416, SEC v. Shavers

• M. Hyman, «Bitcoin ATM: a Criminal’s Laundromat for Cleaning Money», St. Thomas Law Review 2015, (296) 297.

• X, «Wat is «Hawala», het systeem waarmee IS de terreur betaalt?», De Morgen 3 februari 2015, www.demorgen.be).

http://coinmarketcap.com/#EUR.

• R. Houben, «Bitcoin: there are two sides to every coin», TBH 2015, (139) 157 e.v.

• C. Hauben, «Bitcoin: lessen uit schaduwmunterij», Juristenkrant 2015, afl. 317, 16

• S. Small, o.c., Houston Journal of International Law 2015, 611-623

• FATF Report, Virtual currencies, 16 e.v.

• Vr. en Antw. Senaat, Vr. nr. 5-20287 en 5-10288, 4 november 2013 (M. Taelman).

• N. Van De Velde, «EU to adopt a stricter stance towards virtual currencies amidst alleged terrorist financing reports», 8 februari 2016, www.swiftinstitute.org.

• X, «Questions and Answers: Action Plan to strengthen the fight against terrorist financing», European Commission 2 februari 2016, http://europa.eu/rapid/press-release_MEMO-16-209_en.htm (consultatie 13 oktober 2016).

• R. Steennot, Betalingsdiensten in Artikel en commentaar, Mechelen, Kluwer, 2015, 53 e.v.).

• P. Valcke, N. Vandezande en N. Van De Velde, «The evolution of third party payment providers and cryptocurrencies under the EU’s upcoming PSD2 and AMLD4», Swift Institute Working Paper No. 2015-001, 23 september 2015, www.swiftinstitute.org, 55 en 58

• N. Vandezande, «Between Bitcoins and mobile payments: will the European Commission’s new proposal provide more legal certainty», International Journal of Law and Information Technology 2014, (1) 6 en 15.

• G. Schrans en R. Steennot, Algemeen deel van het financieel recht, Antwerpen, Intersentia, 2003, 1-82, R. Dillemans,

• M. Eyskens en W. Van Gerven, Wegwijs Geld, Leuven, Davidsfonds, 1990, 671 p.

• X, «Wat is geld», Europese Centrale Bank, 24 november 2015, www.ecb.europa.eu

• B.H.M. Custers, J.J. Oerlemans en R.L.D. Pool, «Ransomware, cryptoware en het witwassen van losgeld in Bitcoins», Strafblad 2016, (87) 91.

• B. Springael, «Bitcoins: het virtuele goud?», TFR 2014, 759.

• DDS, «Belastingparadijs omhelst bitcoin», De Standaard 11 mei 2016, 27.

• Rb. Overrijsel 14 mei 2014, A.W. Jongbloed, «Bitcoins: virtueel geld, beslag op gebakken lucht?», Tijdschrift voor de Procespraktijk 2015, (77) 82

• M. Vanwynsberghe, «Bitcoin heeft het op de grenzen van het goederenrecht gemunt», RW 2014-15, 1442.

• A. De Nauw, Inleiding tot het bijzonder strafrecht, Mechelen, Kluwer, 2010, 17-22).

• X, «Massive Bitcoin thefts and seizures leave many users nervous and poorer», Computer Fraud and Security december 2013, 1-3

• W. Lecluyse, «Dieven jagen op bitcoins», De Standaard 8 februari 2014, www.standaard.be

• J. Van Thillo, «Bitcoinbank sluit na beroving door hackers», De Standaard 5 maart 2014, www.standaard.be.

• J. Kerkhofs en P. Van Linthout, Cybercrime, Brussel, Politeia, 2013, 470).

• Diefstal is het bedrieglijk wegnemen van een zaak die hem niet toebehoort (L. Huybrechts, «Diefstal» in Comm.Straf. 2013, afl. 74, 1-18

• P. De Hert, «De wet van 28 november 2000 inzake informaticacriminaliteit en het materieel strafrecht. Een wet die te laat komt of die er nooit had moeten komen?», T.Strafr. 2001, (286) 292-293 en 297-300.

• Antwerpen 13 september 1984, Computerr. 1986-87, 42

• R. Verstraeten, «Diefstal van computergegevens: revolutie in het strafrecht?», RW 1985-86, (216) 230.

• G. Vandenberghe, «Diefstal van computergegevens: revolutie in het strafrecht!», Computerr. 1986, 44.

• K. De Schepper, ««Gegevensspionage»: klassieke eigendomsmisdrijven versus informatica-specifieke misdrijven. Over de moeilijke afbakening van rechtsgoederen in een geïnformatiseerde maatschappij», doctoraatsseminarie 21 juni 2013, niet-gepubliceerd, 9 en 27 e.v.

• Wet van 28 november 2000 inzake informaticacriminaliteit, BS 3 februari 2001 (hierna: «wet informaticacriminaliteit»).

• N. Keijzer, «Virtuele amulet en virtueel masker zijn een «goed» cfm art. 310 Sr.» (noot onder Hoge Raad 31 januari 2012), NJ 2012, 536.

• Hoge Raad 31 januari 2012, NJ 2012, 536, noot N. Keijzer.

• Hoge Raad 31 januari 2012, NJ 2012, 536, overweging 3.3.2.

• Hoge Raad 23 mei 1921, NJ 1921, 564

• Hoge Raad 11 mei 1982, NJ 1982, 583.

• Hoge Raad 31 januari 2012, NJ 2012, 536, overweging 3.5.

• Hoge Raad 31 januari 2012, NJ 2012, 536, overweging 3.6.1.

• Hoge Raad 31 januari 2012, NJ 2012, 536, overweging 3.6.2.

• Cass.Luxemburg 3 april 2014, DAOR 2014, 156 e.v.

• B.H.M. Custers, J.J. Oerlemans en R.L.D. Pool, «Ransomware, cryptoware en het witwassen van losgeld in Bitcoins», Strafblad 2016, (87) 90.

• B.J. Koops, «Virtuele en reële delicten. Een beschouwing over het RuneScape-arrest en computercriminaliteitswetgeving», Computerr. 2013, afl. 1, (14) 15 e.v.

• N. Keijzer, o.c., NJ 2012/536, § 9.

• Cass. 5 januari 2011, AR P101094F, T.Strafr. 2012, 162, noot J. Coppens.

• K. De Schepper, ««Gegevensspionage»: klassieke eigendomsmisdrijven versus informatica-specifieke misdrijven. Over de moeilijke afbakening van rechtsgoederen in een geïnformatiseerde maatschappij», doctoraatsseminarie 21 juni 2013, niet-gepubliceerd, 42.

• J. Keustermans, F. Mols en T. De Maere, «Informaticacriminaliteit» in Comm.Straf. 2010, afl. 63, 6) (hierna: J. Keustermans e.a., «Informaticacriminaliteit»).

• J. Kerkhofs en P. Van Linthout, Cybercrime, Brussel, Politeia, 2013, 73 e.v.

• D. Dewandeleer, «Misdrijven en strafonderzoek in de IT-context» in F. Verbruggen en R. Verstraeten (eds.), Themis Straf- en strafprocesrecht, Brugge, die Keure, 2010, (125) 130 e.v.).

• J. Keustermans, e.a., «Informaticacriminaliteit», 20 e.v.

• J. Keustermans, e.a., «Informaticacriminaliteit», 28 e.v.

• Cass. 6 mei 2003, AR P030366N, RABG 2004, 367, noot Y. Van Den Berge).

• Luik 20 mei 2010, T.Strafr. 2012, 175, noot J. Coppens

• Cass. 5 januari 2011, AR P101094F, T.Strafr. 2012, 162, noot J. Coppens).

• K. De Schepper, «Noot onder Rb. Veurne 30 september 2014», Computerr. 2015, (47) 95.

• Unger, «Money Laundering Regulation: from Al Capone to Al Qaeda» in B. Unger en D. Van Der Linde (eds.), Research Handbook on Money Laundering, Cheltenham, Edward Elgar Publishing Limited, 2013, (19) 19.

• K. Vanderheyden en A. Van Den Broeck, «Antiwitwasreglementering» in F. Deruyck, F. Van Volsem en P. Waeterinckx, Strafrecht in de onderneming, Antwerpen, Intersentia, 2016, (341) 346.

• G. Delrue, Witwassen en financiering van terrorisme, Antwerpen, Maklu, 2014, 17 en 220-228.

• D. Bryans, «Bitcoin and Money Laundering: Mining for an Effective Solution», Indiana Law Review 2014, (441) 447.

• Vr. en Antw. Senaat, Vr. nr. 5-7753, 16 januari 2013 (Y. Vastersavendts)

• Vr. en Antw. Senaat, Vr. nr. 5-8723, 16 april 2013 (M. Taelman)

• Vr. en Antw. Senaat, Vr. nr. 5-20287 en 5-10288, 4 november 2013 (M. Taelman)

• Vr. en Antw. Kamer, Vr. nr. 569, 7 februari 2014 (C. Gennez)

• Vr. en Antw. Senaat, Vr. nr. 5-11213, 6 maart 2014 (M. Taelman)

• Vr. en Antw. Kamer, Vr. nr. 562, 8 oktober 2015, (R. Deseyn)).

• M. Van Wely, «Witwasreus Bitcoins opgepakt», De Telegraaf 13 maart 2016, www.telegraaf.nl).

• «Money Laundering with Digital Currencies: Working group established», 9 september 2016, www.europol.europa.eu (consultatie 14 oktober 2016).

• R. Verstraeten en D. Dewandeleer, «Repressieve en preventieve witwaswetgeving na de Wetten van 27 april 2007 en 10 mei 2007», NC 2008, (1) 28 e.v.

• G. Stessens, «Art. 22-36 Wet 11 januari 1993 tot voorkoming van het gebruik van het financiële stelsel voor het witwassen van geld en de financiering van het terrorisme» in Comm.Fin. 2014, 23/1 e.v.

• Vr. en Antw. Senaat, Vr. nr. 5-20287 en 5-10288, 4 november 2013 (M. Taelman).

• Vr. en Antw. Kamer, Vr. nr. 562, 8 oktober 2015, (R. Deseyn).

• B. Meganck, «Witwassen: de misdrijven», T.Strafr. 2011, 389-399

• F. Van Volsem, «Witwassen: de sancties», T.Strafr. 2011, 400-424

• F. Deruyck, «Verbeurdverklaring bij witwassen: een steeds wonderbaarlijkere visvangst. De zoektocht naar het voorwerp van het witwasmisdrijf» in A. De Nauw, F. Deruyck, D. De Wolf, M. Rozie, P. Waeterinckx en A. Winants (eds.), Strafrecht meer ... dan ooit, Brugge, die Keure, 2011, 247-265

• D. Libotte en H. Van Bavel, «Het wel en wee van het witwasmisdrijf», T.Strafr. 2007, 345-372.

• J. Rozie, Voordeelsontneming, Antwerpen, Intersentia, 2005, 196.

• Rb. Rotterdam 20 juli 2016, Computerr. 2016, 268, noot J.J.

• S. Vandromme, «De huiszoeking: de principes en de toepassing ervan in de rechtspraak» in J. Rozie (ed.), Het onroerend goed in het straf(proces)recht, Antwerpen, Intersentia, 2012, 145-176

• L. Viaene, «Huiszoeking en beslag in strafzaken» in APR, Gent, Larcier, 1962, 36-287.

• I. Delbrouck, «Fouillering» in Postal Memorialis 2006, F 20/11 e.v.

• X, Manhattan U.S. Attorney Announces Seizure of Additional $28 Million Worth of Bitcoins Belonging to Ross William Ulbricht, Alleged Owner and Operator of «Silk Road» Website, FBI, 25 oktober 2013, https://archives.fbi.gov/archives/newyork/press-releases/2013/manhattan-... (consultatie 13 oktober 2016).

• C. Conings, «Het uitlezen van een gsm of een ander privaat IT-systeem: this is not America» (noot onder Cass. 11 februari 2015), RW 2015-16, (622) 624.

• Cass. 11 februari 2015, AR P141739F, Pas. 2015, nr. 103, conclusie advocaat-generaal D. Vandermeersch.

• Cass. 11 februari 2015, RW 2015, (621) 622, noot C. Conings.

• G. Schoorens, «Netwerkzoeking – de precieze draagwijdte van de openingszin van artikel 88ter, § 1 Sv.» (noot onder Cass. 11 februari 2015), T.Strafr. 2015, 141-142

• P. Vanwalleghem, «Over het uitlezen van een gsm zonder tussenkomst van de onderzoeksrechter» (noot onder Cass. 11 februari 2015), Vigiles 2015, (134) 136.

• D. Vandermeersch, conclusie voor Cass. 11 februari 2015, RDP 2015, (581) 585.

• C. Conings, «Statusupdate: Belgische opsporing –  voelt zich #verward bij het speuren in sociale media» in E. Wauters, P. Valcke en E. Lievens (eds.), Sociale media anno 2015, Antwerpen, Intersentia, 2015, (267) 276-282

• C. Conings en J.J. Oerlemans, «Van een netwerkzoeking naar online doorzoeking: grenzeloos of grensverleggend?», Computerr. 2013, (23) 24 e.v.

• Wetsontwerp inzake informaticacriminaliteit, Parl.St. Kamer 1999-2000, nr. 213/011, 3-4

• J. Kerkhofs en P. Van Linthout, o.c., 263.

• C. Conings, «De lokalisatie van opsporing in een virtuele omgeving: wie zoekt waar in cyberspace?», NC 2014, (1) 11 e.v.

• Wetsontwerp inzake informaticacriminaliteit, Parl.St. Kamer 1999-2000, nrs. 213 en 214, p. 24-25.

• R. Verstraeten en L. Delbrouck, «Beslag in strafzaken» in Comm.Straf. 2014, (1) 3)

• Cass. 22 oktober 2013, AR P130550N, Arr.Cass. 2013, 2165

• Cass. 25 februari 2003, AR P020674N, Arr.Cass. 2003, 498

• F. Lugentz en D. Vandermeersch, Saisie et confiscation en matière pénale, Brussel, Bruylant, 2015, 99).

• E. Francis, «Algemene principes van de bijzondere verbeurdverklaring en het beslag in strafzaken», T.Strafr. 2011, (306) 322

• F. Desterbeck, «Inbeslagneming en verbeurdverklaring in strafzaken» in Postal Memorialis 2008, (30/1) 30/4.

• Corr. Tongeren (12de k.) 21 oktober 2015, AR 1287/2015, niet gepubliceerd.

• United Nations Office on Drugs and Crime, Basic Manual on the Detection And Investigation of the Laundering of Crime Proceeds Using Virtual Currencies, juni 2014, www.imolin.org/pdf/imolin/FULL10-UNODCVirtualCurrencies_final.pdf (consultatie 14 oktober 2016)

• J.J. Oerlemans, «Noot onder Rb. Rotterdam 20 juli 2016», Computerr. 2016, (276) 277.

• interview met de Nederlandse landelijke officier van justitie cybercrime, Martijn Egberts: T. Van Der Geest, «Misbruik van bitcoins. Cybercrime-officier over afpakken van digitaal geld», Opportuun 2015, nr. 6, (6) 9.

• United Nations Office on Drugs and Crime, Basic Manual on the Detection And Investigation of the Laundering of Crime Proceeds Using Virtual Currencies, 155.

• T. Van Der Geest, «Misbruik van bitcoins. Cybercrime-officier over afpakken van digitaal geld», Opportuun 2015, nr. 6, (6) 10.

• Wetsontwerp inzake informaticacriminaliteit, Parl.St. Kamer 1999-2000, nrs. 213 en 214, p. 12.

• F. Desterbeck, «De COIV-wetgeving in een nieuw kleedje», NC 2007, (125) 126

• E. Francis, «Forum van het COIV», T.Strafr. 2004, 156-159.

• Omzendbrief College Procureurs-generaal 2 april 2004: Centraal Orgaan voor de Inbeslagneming en de Verbeurdverklaring (COIV) – voorlopige en praktische richtlijnen, nr. COL 7/2004, www.om-mp.be, 8.

• «COIV worstelt met bitcoin», Juristenkrant 2015, afl. 302, 14.

• T. Jacobs. X, «COIV worstelt met bitcoin», Juristenkrant 2015, afl. 302, 14.

• Vr. en Antw. Kamer 2014-15, 1 juli 2015, nr. CRIV54COM208, (9) 12 (Vr. nr. 6 P. Vanvelthoven, S. Lahaye-Battheu, S. De Wit, antw. K. Geens)

• C. Hauben, «Bitcoin: lessen uit schaduwmunterij», Juristenkrant 2015, afl. 317, 16.

• C. Conings o.c., in E. Wauters, P. Valcke en E. Lievens (eds.), Sociale media anno 2015, 288-304

• Gent 23 juni 2015, NJW 2016, 134, noot C. Conings

• Corr. Oost-Vlaanderen (afd. Dendermonde) 17 november 2014, NJW 2016, 132, noot C. Conings, C. Van de Heyning

• J. Coppens, «Het bevel tot medewerking van artikel 88quater Sv., het zwijgrecht en het verbod op zelfincriminatie» (noot onder Gent 23 juni 2015), T.Strafr. 2016, 260.

• C. Conings, «Ontsleutelplicht van verdachte en verbod op zelfincriminatie» (noot onder Gent 23 juni 2015), NJW 2016, (135) 136

• Cass. 18 januari 2011, AR P101347N, Arr.Cass. 2011, 220, conclusie eerste advocaat-generaal M. De Swaef.

• Cass. 1 december 2015, AR P132082N, RABG 2016, 485, noot K. De Schepper.

• K. De Schepper, «Cassatie bevestigt: Belgisch gerecht kan rechtstreeks gegevens vorderen van Yahoo» (noot onder Cass. 1 december 2015), RABG 2016, (489) 493.

• Cass. 28 juni 2007, AR C020173F, Arr.Cass. 2007, 1494)

• F. Van Volsem, «De bijzondere verbeurdverklaring» in P. Waeterinckx, F. Van Volsem en F. Deruyck (eds.), Strafrecht in de onderneming, Antwerpen, Intersentia, 2016, 791-864.

• J. Rozie en P. Waeterinckx, «Actualia verbeurdverklaring (2010-15): alles stroomt, niets is blijvend», NC 2015, 390-432

• A. De Geest, «Verbeurdverklaring» in APR, Story Scientia, Gent, 1971, 76 p.

• Corr. Tongeren (12de k.) 21 oktober 2015, AR 1287/2015, niet gepubliceerd, 9.

• Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden 7 juli 2016, ECLI:NL:GHARL: 2016:5563

• Rb. Midden-Nederland 9 oktober 2014, nr. 16/659163-14 (P), www.rechtspraak.nl.

• United Nations Office on Drugs and Crime, Basic Manual on the Detection And Investigation of the Laundering of Crime Proceeds Using Virtual Currencies, juni 2014, 150, www.imolin.org/pdf/imolin/FULL10-UNODCVirtualCurrencies_final.pdf (consultatie 14 oktober 2016).

• A. Bailleux, «De strafrechtelijke uitvoeringshandelingen: principes en vergelijking met klassieke uitvoeringshandelingen», RW 2015-16, 723-738

• V. Franssen en K. Van Cauwenberghe, «Wanneer de balans overslaat ... Het strafrechtelijk uitvoeringsonderzoek», Panopticon 2014, 229-236.

• GwH 17 december 2015, nr. 178/2015, overwegingen B.51 en B.52

• E. Vandebroek, «Het strafrechtelijk uitvoeringsonderzoek» (noot onder GwH 17 december 2015), NJW 2016, 108

• T. De Coster, «Grondwettelijk Hof vernietigt delen van SUO-wet», Juristenkrant 2016, afl. 321, (1) 2.

• C. Hauben, «Bitcoin: lessen uit schaduwmunterij», Juristenkrant 2015, afl. 317, 16

• X, «Pseudokoop wapen met bitcoins door politie en OM», 17 januari 2014, www.politie.nl/nieuws/2014/januari/17/05-pseudokoop-wapen-met-bitcoins-d....

 

Gerelateerd
Bibliotheek
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve
Aangemaakt op: za, 19/11/2016 - 13:32
Laatst aangepast op: za, 19/11/2016 - 15:24
Inhoud syndiceren

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.