-A +A

procedurefouten in strafzaken

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend

Er is in het Hof van Cassatie een vaste rechtspraak onstaan die ernaar streeft de door de wet opgelegde vormvereisten vanuit het oogpunt van de doelstellingen van de wet te beschouwen en zo elk overdreven formalisme te vermijden.

Een vormvereiste wordt, in de regel, slechts als substantieel beschouwd in zoverre het verzuim ervan het Hof in de onmogelijkheid plaatst de regelmatigheid van de procedure na te gaan(50).

De inachtneming van de regels van deze cassatiearresten en, meer algemeen, van het beginsel waarvan zij de toepassing vormen, draagt ertoe bij te voorkomen dat een cassatieberoep wordt ingesteld dat gedoemd is te mislukken. Het arrest van 9 oktober 2002 heeft betrekking op het toezicht op de naleving, door de onderzoeksgerechten, van artikel 779, eerste lid, van het Gerechtelijk Wetboek.

Krachtens deze bepaling moeten de rechters die het vonnis wijzen, op straffe van nietigheid alle zittingen over de zaak hebben bijgewoond. Voor het Hof had een inverdenkinggestelde zich beroepen op de schending van deze bepaling door een arrest van de kamer van inbeschuldigingstelling dat zijn voorlopige hechtenis handhaafde.

Dit cassatiearrest was uitgesproken twee dagen nadat de zaak was behandeld en in beraad genomen terwijl twee magistraten die hadden deelgenomen aan de beraadslaging voor de uitspraak van het arrest waren vervangen krachtens een beschikking van de eerste voorzitter van het hof van beroep bedoeld in artikel 779, tweede lid, van het Gerechtelijk Wetboek.

De eiser voerde aan dat het Hof bij ontstentenis van het proces-verbaal van de terechtzitting waarop de zaak was behandeld – stuk waarvan de wet het opmaken niet verplicht voor het debat voor de onderzoeksgerechten(51) –, zich in de onmogelijkheid bevond na te gaan of de magistraten die hadden deelgenomen aan het beraad en het arrest hadden gewezen, de voorafgaande terechtzitting hadden bijgewoond. Dezelfde grief werd aangevoerd ten aanzien van de derde raadsheer die nochtans niet was vervangen.

Volgens de eiser levert de deelname van een rechter aan de beraadslaging immers geen wettig bewijs op van diens aanwezigheid op alle terechtzittingen van de zaak.

Het Hof verwerpt het middel zowel voor de twee magistraten die waren verhinderd om de uitspraak bij te wonen als voor de derde magistraat. Voor de eerste twee overweegt het Hof dat de vaststelling, door de vervangingsbeschikkingen, van hun deelname aan de beraadslaging, het bijwonen impliceert van de terechtzitting waarop de zaak werd behandeld, behalve indien zij wordt tegengesproken door andere authentieke vermeldingen.

Onder hetzelfde voorbehoud overweegt het Hof dat de vermelding van de aanwezigheid van de derde magistraat onderaan het arrest impliceert dat deze magistraat ook heeft gezeteld op de dag waarop de zaak is behandeld op de wijze die het arrest omschrijft.

Er anders over beslissen zou neerkomen, enerzijds, op het vereisen van het opmaken door de onderzoeksgerechten van een proces-verbaal van elke terechtzitting, wat de wet niet bepaalt, en, anderzijds, op het toelaten dat bij ontstentenis van dergelijk proces-verbaal de regelmatigheid van de samenstelling van de zetel systematisch kan worden betwist telkens wanneer het arrest niet wordt gewezen op de dag zelf waarop de zaak is behandeld. Het overdreven formalisme dat deze oplossing zou impliceren, vindt geen steun in artikel 779 van het Gerechtelijk Wetboek.

Het eerste cassatiearrest van 16 oktober  verduidelijkt de draagwijdte van het visum aangebracht op conclusies neergelegd ter zitting van een strafgerecht.

De bepalingen van het Gerechtelijk Wetboek betreffende de conclusies gelden niet in strafzaken. In strafzaken maakt het proces-verbaal van de terechtzitting in de regel melding van het bestaan van mondelinge of geschreven conclusies.

Wanneer zo een proces-verbaal niet wordt voorgeschreven, zoals het geval is voor de onderzoeksgerechten, staat dit niet eraan in de weg dat niettemin een proces-verbaal wordt opgesteld dat, ondertekend door de voorzitter en de griffier, geldt als authentieke akte. De in een proces-verbaal van terechtzitting vermelde conclusies worden meestal geviseerd, soms door de griffier(52), soms door de voorzitter of soms door beiden.

Het Hof aanvaardt ook dat de neerlegging van een geschreven conclusie, zelfs indien daarvan geen bijzondere melding wordt gemaakt in het proces-verbaal van terechtzitting, onweerlegbaar wordt vastgesteld door de handtekening van de voorzitter onder de datum van de terechtzitting waarop de zaak is behandeld.(53)

In casu hadden de beklaagden ter zitting van de kamer van inbeschuldigingstelling, die uitspraak zou doen over hun eventuele verwijzing naar het assisenhof, conclusies neergelegd die zowel door de voorzitter als de griffier werden geviseerd onder de vermelding “gelezen en neergelegd op openbare terechtzitting”.

Zowel het verwijzingsarrest als het proces-verbaal vermeldden evenwel dat de terechtzitting niet openbaar had plaatsgevonden. Voor het Hof voerden de beklaagden aan dat het Hof door deze tegenstrijdige vermeldingen niet kon nagaan of de rechtspleging overeenkomstig artikel 218, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering, met gesloten deuren was gevoerd geworden.

In het dagelijks taalgebruik wordt het visum meestal gedefinieerd als een formule of een zegel voorzien van een handtekening, die wordt aangebracht op een akte waardoor deze als regelmatig of geldig wordt beschouwd. Het arrest van 16 oktober 2002 oordeelt niettemin dat het visum dat eventueel wordt aangebracht op conclusies in strafzaken, waarvan de neerlegging wordt bevestigd in het proces-verbaal van terechtzitting, een beperkter doel heeft,
namelijk de vaststelling dat het wel degelijk dat stuk is dat aan de rechter werd voorgelegd tijdens het debat zodat het Hof zijn toezicht op de motivering kan uitoefenen (54).

De aan dit visum toegekende authenticiteit is aan geen enkel substantieel vormvereiste onderworpen.
Hieruit volgt dat de authentieke vermelding in het arrest dat de zaak met gesloten deuren werd behandeld, voorrang heeft op de hiermee strijdige vermelding op de conclusies.

Het tweede arrest van 16 oktober 2002  doet uitspraak over het cassatieberoep dat de eiser instelde tegen een arrest van veroordeling op grond dat het arrest niet was ondertekend door de griffier terwijl artikel 782 van het Gerechtelijk Wetboek, dat van toepassing is in strafzaken, dit nochtans vereist. Na het instellen van het cassatieberoep was dit verzuim echter hersteld geworden bij toepassing van artikel 788 van hetzelfde wetboek.
Het openbaar ministerie concludeerde tot de niet-ontvankelijkheid van het middel bij gebrek aan belang. In een nota neergelegd als antwoord op deze conclusie betwistte de eiser dat artikel 788 van het Gerechtelijk Wetboek kan worden toegepast in strafzaken.

In ondergeschikte orde vroeg hij dat de kosten van het cassatieberoep ten laste van de Staat zouden worden gelegd.

Het arrest van 16 oktober 2002 bevat op twee punten nieuwe rechtspraak.
Artikel 788 van het Gerechtelijk Wetboek laat aan de Procureur-generaal bij het hof van beroep toe de verzuimen die hij vaststelt in de zittingsbladen, waarop krachtens artikel 783 van hetzelfde wetboek de vonnissen zijn gesteld, of in de processen-verbaal van de zittingen te doen herstellen. Het arrest van 16 oktober 2002 beslist voor de eerste maal dat artikel 788 eveneens van toepassing is in strafzaken. Bovendien bevestigt het de leer van vroegere beslissingen volgens dewelke die bepaling, hoewel zij slechts uitdrukkelijk betrekking heeft op het verzuim van de handtekening van een rechter, ook toelaat het verzuim van de handtekening van een griffier te herstellen,55 en dat dergelijk herstel terugwerkende kracht heeft, zelfs indien het na voorziening tegen het vonnis is geschied (56).

Inzake de kosten beslist het cassatiearrest dat het verzuim van de griffier een vonnis of een arrest te ondertekenen, zelfs al was dit verzuim niet hersteld, niet kan leiden tot de nietigheid van de beslissing, wanneer het proces-verbaal van de terechtzitting, dat regelmatig is opgemaakt bij de uitspraak, alle vereiste vaststellingen bevat om de regelmatigheid van de tijdens die uitspraak gevolgde rechtspleging aan te tonen.

De eiser werd bijgevolg veroordeeld in de kosten van zijn cassatieberoep.
Deze oplossing is in strafzaken opmerkelijk. Het Hof heeft herhaaldelijk erkend dat de vermeldingen van een vonnis of een arrest het verzuim of de onregelmatigheid van een proces-verbaal van de zitting kunnen herstellen (57).

Het Hof neemt nu ook omgekeerd aan dat de vermeldingen van het proces-verbaal van de zitting een verzuim van de beslissing kunnen verhelpen wanneer zij het Hof toelaten zijn toezicht betreffende de regelmatigheid van de procedure uit te oefenen.

bron jaarverslag Cassatie 2003

 

(50) Zie in deze zin Cass. 15 november 2000, A.C. 2000, nr. 623.
(51) Zie Cass. 6 september 2000, A.C. 2000, nr. 446. Aan deze regel wordt ook herinnerd door een ander arrest uitgesproken op 9 oktober 2000 (P.02.1308.F, tweede middel).
(52) Gelet op de bewijswaarde die aan het proces-verbaal van terechtzitting wordt gehecht, volstaat één enkele handtekening; zie op dit punt J. Sace, noot onder Cass. 12 maart 1986, Rev.dr.pén. 1986, 628.
(53) Cass. 12 september 1984, A.C. 1985, nr. 33. (54) Zie op dit punt en meer in het algemeen over de conclusies voor de strafgerechten, de noot van A.T. onder Cass. 3 januari 1978, A.C. 1978, (51)7.
(55) Cass. 2 maart 1972, A.C. 1972, 605.
(56) Cass. 2 maart 1972 (supra) en 15 oktober 1976, A.C. 1977, 199.
(57) Zie Cass. 29 november 1989, A.C. 1989-90, nr. 201; 20 april 1994, A.C. 1994, nr. 188; 8 november 2000, A.C. 2000, nr. 607; 24 oktober 2001, P.01.0993.F.
(58) In burgerlijke zaken heeft het Hof reeds meermaals erkend dat het verzuim, in een beslissing, van een vermelding, zelfs wanneer deze is voorgeschreven op straffe van nietigheid, niet tot de nietigheid van de

Gerelateerd
0
Aangemaakt op: wo, 15/07/2009 - 14:14
Laatst aangepast op: vr, 22/01/2010 - 17:54

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.