-A +A

Valsheid in geschrifte blijft voortduren zolang het doel dat de dader beoogde niet werd verwezenlijkt

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Hof van Cassatie
Datum van de uitspraak: 
din, 07/06/2016
A.R.: 
P.16.0182.N

Het gebruik van een vals stuk duurt voort, zelfs zonder nieuw feit van de dader en zonder zijn herhaalde tussenkomst, zolang het doel dat hij beoogde niet werd verwezenlijkt en zolang de oorspronkelijke handeling die hem wordt verweten, zonder dat hij zich ertegen verzet, de gunstige uitwerking blijft hebben die hij ervan verwacht.

De rechter stelt onaantastbaar vast welk het doel was van de dader die gebruik heeft gemaakt van een vals stuk en waarin dit gebruik heeft bestaan; het Hof toetst alleen of de feitelijke vaststellingen die de rechter maakt, zijn oordeel over dat doel en gebruik naar recht kunnen verantwoorden.

Publicatie
tijdschrift: 
Rechtskundig Weekblad
Uitgever: 
intersentia
Jaargang: 
2017-2018
Pagina: 
305
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

J.J.E.M.D.T., BVBA J. K.P.U.V. en BVBA V.

I. Rechtspleging voor het Hof

De cassatieberoepen zijn gericht tegen een arrest van het Hof van Beroep te Gent, correctionele kamer, van 15 januari 2016.

...

II. Beslissing van het Hof

Beoordeling

...

Eerste middel van de eisers I en II

Eerste onderdeel

2. Het onderdeel voert schending aan van art. 149 Gw., art. 21 Voorafgaande Titel Sv. en de artt. 193, 196, 197, 213 en 214 Sv.: het arrest oordeelt ten onrechte dat het met de telastlegging B bedoelde nuttig gebruik van de valse vergunningsaanvraag en de bijgevoegde bouwplannen en dus het gebruik van de valse stukken heeft geduurd tot de inbeslagname op 25 april 2012 en dus niet tot de datum van het verkrijgen van de stedenbouwkundige vergunning, namelijk 1 juni 2004; de valsheid was gericht op het verkrijgen van de stedenbouwkundige vergunning, zodat het beoogde doel en dus het nuttig gevolg op dat tijdstip werd bereikt; het verkrijgen van de vergunning maakte een einde aan het gebruik; anders oordelen impliceert dat het gebruik zou blijven voortduren zolang het gebouw zou bestaan en zou de facto een onverjaarbaarheid betekenen.

3. Het gebruik van een vals stuk duurt voort, zelfs zonder nieuw feit van de dader en zonder zijn herhaalde tussenkomst, zolang het doel dat hij beoogde niet werd verwezenlijkt en zolang de oorspronkelijke handeling die hem wordt verweten, zonder dat hij zich ertegen verzet, de gunstige uitwerking blijft hebben die hij ervan verwacht.

4. De rechter stelt onaantastbaar vast welk het doel was van de dader die gebruik heeft gemaakt van een vals stuk en waarin dit gebruik heeft bestaan. Het Hof toetst alleen of de feitelijke vaststellingen die de rechter maakt, zijn oordeel over dat doel en gebruik naar recht kunnen verantwoorden.

5. De eisers I en II werden met de telastlegging A wegens valsheid in geschriften vervolgd om in een aanvraag van een bouwvergunning van 1 maart 2004 en de erbij gevoegde bouwplannen van 20 februari 2004 valselijk te hebben vermeld dat een bouwvergunning werd aangevraagd voor het oprichten van een tuinbouwbedrijf met wateropslagtank – kweekzone voor planten – sproei-installatie – bedrijfsgebouw met woning, terwijl het in werkelijkheid de bedoeling was een residentiële villa met terrassen en waterpartij te realiseren, met de bedrieglijke bedoeling ten onrechte de op 1 juni 2004 goedgekeurde stedenbouwkundige vergunning te verkrijgen. Zij werden met de telastlegging B vervolgd wegens gebruik van de met de telastlegging A bedoelde valse stukken met hetzelfde bedrieglijk opzet of met het oogmerk om te schaden.

6. Uit de omschrijving in de telastleggingen A en B van het door de eisers I en II bedoelde opzet met de valsheid in geschriften en het gebruik ervan, die door het arrest niet werd gewijzigd, volgt dat het beoogde doel bestond in het verkrijgen van een stedenbouwkundige vergunning en bijgevolg dat dit doel werd bereikt en het gebruik van de valse stukken werd beëindigd op 1 juni 2004, zodat het arrest niet kon oordelen dat het met de telastlegging B bedoelde gebruik van de met de telastlegging A bedoelde stukken heeft geduurd tot 25 april 2012, zijnde de datum van de inbeslagname van de stukken.

Het onderdeel is gegrond.

...

Noot: 

• Cass. 27 januari 2009, AR P.08.1639.N, AC 2009, nr. 68;

• Cass. 13 januari 2009, AR P.08.0882.N, AC 2009, nr. 23.

Gerelateerd
Aangemaakt op: wo, 18/10/2017 - 13:30
Laatst aangepast op: wo, 18/10/2017 - 13:30

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.