-A +A

Voorbeeld van een vonnis tot verschoning van een gefailleerde met motivering

Printervriendelijke versiePrintervriendelijke versieVerstuur naar een vriendVerstuur naar een vriend
Instantie: Rechtbank van Koophandel
Plaats van uitspraak: Brugge
Datum van de uitspraak: 
don, 30/06/2011
A.R.: 
A/07/00634
Publicatie
tijdschrift: 
niet gepubliceerd
In bibliotheek?: 
Dit item is beschikbaar in de bibliotheek van advocatenkantoor Elfri De Neve

Inzake:

Mr. Johan Martens, advocaat te 8300 Knokke-Heist, Elizabetlaan 71, optredend in de hoedanigheid van curator over het faillissement van J.M., wonende te 8300 Knokke-Heist, Haagwinde 71, in staat van faillissement verklaard bij vonnis van de rechtbank van koophandel te Brugge, afdeling Brugge, dd. 07/05/2007
hierna aangeduid als 'de curator',

Gegevens van de zaak - vorderingen.

1. Met verzoekschrift neergelegd ter griffie op 22/03/2011 vraagt J.M. bij monde van zijn raadsman Elfri De Neve de rechtbank met toepassing van artikel 80, lid 5 F.W. uitspraak te doen over de verschoonbaarheid.

2. J.M. zet uiteen dat hij in staat van faillissement werd verklaard bij vonnis van deze rechtbank dd. 07/05/2007. Hij was vennoot - zaakvoerder van de GCV BONBON. Mr. Johan Martens, advocaat te 8300 Knokke-Heist, Elizabetlaan 71, werd aangesteld als curator. Verder is verzoeker van oordeel dat hij ongelukkig en te goeder trouw is en dat er geen gewichtige omstandigheden zijn die de toekenning van de verschoonbaarheid verhinderen.

3. In overeenstemming met artikel 79 F.W. werden op bevel van de rechter-commissaris van het faillissement de schuldeisers en de gefailleerde opgeroepen voor de vergadering waarop de schuldeisers advies kunnen uitbrengen nopens de verschoonbaarheid. De vergadering werd gehouden op 19/05/2011. Zoals blijkt uit het procesverbaal van de vergadering dd. 19/05/2011 verscheen er geen enkele schuldeiser en werd bijgevolg geen advies verleend.

4. Op de zitting van de rechtbank, in raadkamer, van 20/06/2011, werd de rechter-commissaris gehoord in zijn verslag over de beraadslaging van de schuldeisers en de omstandigheden van het faillissement. De curator en de gefailleerde werden eveneens gehoord.

5. Op dezelfde zitting heeft de procureur des Konings mondeling advies verleend, waarna aan de partijen de mogelijkheid tot repliek werd geboden.

6. De rechtbank heeft kennis genomen van het dossier van rechtspleging, de besluiten en de stukken neergelegd door de partijen. De bepalingen van de wet van 15 juni 1935 op het taalgebruik in gerechtszaken werden nageleefd.

Beoordeling.

7. Het faillissement van J.M. werd uitgesproken op 07/05/2007. De termijn van zes maanden zoals bedoeld in artikel 80 lid 5 F.W. is aldus verstreken, zodat het verzoek om uitspraak te doen over de verschoonbaarheid ontvankelijk is.

8. De rechtbank moet de verschoonbaarheid uitspreken van de gefailleerde die ongelukkig is en te goeder trouw handelt, behalve in geval van gewichtige omstandigheden. De wetgever beschouwt de verschoonbaarheid eerder als norm, dan als uitzondering (zie in deze zin Gent, 2 december 2002, NjW, 2003, 1005). De begrippen ongelukkig en te goeder trouw worden verduidelijkt in de memorie van toelichting bij het wetsontwerp dat heeft geleid tot de wet van 4 september 1999, die het artikel 80 F.W. heeft gewijzigd (zie Part. St., Kamer, 2000-2001, nr. 1132/001, p.12-15).

Daarin wordt o.m. verduidelijkt: "Het begrip (de goeder trouw handelen» moet worden verstaan als correct handelen voor en tijdens het faillissement. Hierbij wordt inzonderheid de handelaar bedoeld die tijdens zijn handelsactiviteiten op een eerlijke wijze en met voorzichtigheid en voorzorg winst heeft nagestreefd en die de onrechtmatig nadelige gevolgen die daaruit rechtstreeks of onrechtstreeks kunnen voortvloeien voor anderen, zelfs concurrenten, niet heeft miskend. In dit verband kan een veroordeling wegens andere inbreuken dan die omschreven in artikel 81 van de Faillsementswet of een kennelijk laattijdige aangifte van staking van betaling de weigering van de verschoonbaarheid rechtvaardigen op grond van een gebrek aan goede trouw. Later heeft die handelaar zich dan weer eerlijk gedragen tijdens de procedure, heeft hij zonder terughoudendheid meegewerkt met de curator en heeft hij door zijn daad de waarborgen van de schuldeisers niet verminderd."

9. Uit de behandeling ter zitting, i.h.b. het verslag van de rechtercommissaris en de gegevens verstrekt door de curator, is geen enkel element naar voor getreden waaruit zou blijken dat de gefailleerde niet voldoet aan de voorwaarden om verschoonbaar te worden verklaard. Uit het advies van de procureur des Konings is evenmin een negatief gegeven naar voor getreden. Gezien de wetgever de verschoonbaarheid als norm beschouwt en bij gebreke aan tegenindicaties, moet de gefailleerde in casu verschoonbaar worden verklaard.

Op deze gronden, de rechtbank,

na beraadslaging overeenkomstig de wet;
wijzende op tegenspraak;
alle andere besluiten afwijzend als ongegrond of niet ter zake dienend; verklaart de vordering ontvankelijk en in volgende mate gegrond;
verklaart J.M. , wonende te …, verschoonbaar;
beveelt de publicatie van dit vonnis bij uittreksel in het Belgisch Staatsblad door toedoen van de griffier;
Iegt de kosten van het geding, die niet zijn bepaald, ten laste van de failliete boedel.
Staat de voorlopige tenuitvoerlegging van onderhavig vonnis toe in overeenstemming met artikel 1398 Ger. Wb.
Aldus gewezen door de tijdelijke eerste bis Kamer van de rechtbank van koophandel te Brugge, afdeling Brugge en uitgesproken door de voorzitter van de kamer in openbare en buitengewone terechtzitting op dertig juni tweeduizend en elf,

Gerelateerd
Aangemaakt op: ma, 18/07/2011 - 17:46
Laatst aangepast op: ma, 18/07/2011 - 17:46

Hebt u nog een vraag?

Hebt u nog een vraag in dit verband, klik dan hier om uw vraag aan ons te stellen, of meteen een afspraak te maken voor een consultatie.

Aanvulling

Heeft u een suggestie, aanvulling of voorstel tot correctie met betrekking tot deze pagina? Gebruik dit adres om het te melden.