De totstandkoming van de kredietovereenkomst: informatieverplichtingen, onderzoeksplichten en beschermingsmechanismen in het Wetboek van Economisch Recht
De regelgeving inzake consumentenkrediet legt een uitgebreid stelsel van verplichtingen op aan kredietgevers en kredietbemiddelaars in de precontractuele fase. Deze verplichtingen beogen een evenwicht te creëren tussen de commerciële vrijheid van kredietverstrekkers en de bescherming van de consument tegen overkreditering en misleidende of onvolledige informatie. De bepalingen van afdeling 2 betreffende de totstandkoming van de kredietovereenkomst structureren dit evenwicht via een reeks opeenvolgende stappen: het verzamelen van informatie, het verstrekken van precontractuele informatie, bijzondere informatieplichten van bemiddelaars, het geven van passende toelichtingen, raadgevingsverbintenissen en een verregaande onderzoeksplicht van de kredietgever.
1. Verzameling van informatie met het oog op de kredietwaardigheidsbeoordeling
Het proces start met een verplichting voor kredietgever en kredietbemiddelaar om de consument enkel die informatie te vragen die noodzakelijk wordt geacht voor een correcte beoordeling van diens financiële situatie en terugbetalingscapaciteit. De consument en eventuele persoonlijke zekerheidssteller moeten hun antwoorden correct en volledig verstrekken. De wetgever legt daarbij nadrukkelijke grenzen vast: gevoelige persoonsgegevens met betrekking tot onder meer ras, gezondheid, seksuele geaardheid of politieke en levensbeschouwelijke overtuiging mogen nooit worden gevraagd.
De informatieplicht wordt verder geformaliseerd via een verplichte vragenlijst, die moet worden voorgelegd in de vorm van een krediet- of informatieaanvraagformulier. Dit document bevat minstens gegevens over het doel van het krediet, inkomsten, personen ten laste en lopende financiële verbintenissen. Indien het kredietbedrag boven een bepaalde drempel uitstijgt, kan de lijst worden uitgebreid. De kredietgever moet dit formulier bewaren tot het krediet volledig is terugbetaald. Zie ook www.elfri.be - Artikel - Verzameling van informatie met het oog op de kredietwaardigheidsbeoordeling
2. De precontractuele informatieverstrekking
Vooraleer de consument gebonden kan worden, moet hij tijdig een volledig beeld krijgen van de kenmerken en kosten van het krediet. De kern van deze informatieverstrekking gebeurt via het uniforme Europese formulier voor consumentenkrediet (SECCI). Dit document bevat onder meer informatie over het soort krediet, kredietbedrag, kredietduur, rentevoeten, jaarlijkse kostenpercentages, kostenstructuur, zekerheden, rechten op herroeping of vervroegde terugbetaling en waarschuwingen bij wanbetaling.
De verplichting geldt ook wanneer communicatie gebeurt via spraaktelefonie of andere middelen op afstand, zij het dat in die situaties een afgeslankte of uitgestelde informatieverstrekking mogelijk is. Indien het medium geen onmiddellijke volledige informatieoverdracht toelaat, moet de kredietgever alsnog de volledige SECCI bezorgen na het sluiten van de overeenkomst.
Voor bepaalde bijzondere kredietvormen, zoals geoorloofde debetstanden en uitstelregelingen, geldt een aangepaste informatieplicht, opnieuw gebaseerd op een specifieke SECCI-variant. zie ook www.elfri.be - Artikel - De precontractuele informatieverstrekking
3. Bijzondere informatieverplichtingen van kredietbemiddelaars
Kredietbemiddelaars moeten hun hoedanigheid en bevoegdheden duidelijk meedelen in alle communicatie en documenten die bestemd zijn voor de consument. De verbonden agent moet bovendien de identificatie van de kredietgever vermelden. Hiermee wordt beoogd om de consument beter te informeren over de rol die de bemiddelaar speelt, de mate van onafhankelijkheid en de betrokken financiële instellingen.
4. De verplichting tot het geven van passende toelichtingen
Naast de formele precontractuele informatie bestaat een verplichting tot een inhoudelijke toelichting. Kredietgevers en bemiddelaars moeten de consument helpen inschatten of het aangeboden krediet strookt met zijn financiële situatie en behoeften. Daarbij moeten de belangrijkste kenmerken en gevolgen van de kredietovereenkomst worden verduidelijkt, inclusief de gevolgen van wanbetaling.
Bij kredietopeningen aangeboden op een verkooppunt of op afstand moeten de voor- en nadelen ten opzichte van andere kredietvormen worden toegelicht, onder meer wat betreft aflossing, interestaanrekening, maximale kostpercentages en opeisbaarheid na opzegging. zie ook: www.elfri.be - Artikel - De passende toelichting die kredietgever dient te verstrekken bij een consumentenkrediet
5. De raadgevingsverbintenis
Kredietgevers en kredietbemiddelaars moeten, binnen het aanbod waarover zij beschikken, dat krediet zoeken dat het best aangepast is aan de financiële situatie en het doel van de consument. Dit gaat verder dan louter informeren: het vergt een actieve afstemming van het product op het profiel van de consument. zie ook: www.elfri.be - Artikel - De raadgevingsverbintenis van kredietgever en kredietbemiddelaar
6. De onderzoeksplicht
Het onderzoek naar de identiteit van de consument of zekerheidssteller verloopt op basis van de wettelijk erkende identiteitsdocumenten. Vervolgens moet de kredietgever een grondige kredietwaardigheidsbeoordeling uitvoeren, waarvoor de raadpleging van de Centrale voor Kredieten aan Particulieren verplicht is, behoudens bij overschrijdingen.
De kredietgever moet een volledig kredietdossier aanleggen en bewaren, waarin alle informatie en procedures worden gedocumenteerd. Bij elke wijziging van het kredietbedrag geldt dat een nieuwe kredietovereenkomst ontstaat, wat opnieuw de volledige beoordelingsprocedure activeert.
Voor kredietovereenkomsten van onbepaalde duur bestaat bovendien een jaarlijkse herbeoordelingsplicht, tenzij een korte nulstellingstermijn geldt.
De kredietgever mag slechts een overeenkomst sluiten wanneer hij redelijkerwijze kan aannemen dat de consument zijn verplichtingen kan nakomen. Indien er reeds ernstige wanbetalingen werden geregistreerd die boven een bepaalde drempel uitkomen, wordt het sluiten van nieuwe kredieten strikt beperkt of uitgesloten. In minder ernstige gevallen is een bijzondere motivering vereist. zie ook: www.elfri.be - Artikel - Onderzoeksplicht en kredietwaardigheidsbeoordeling.