Artikel 1409bis van het Gerechtelijk Wetboek biedt ook de mogelijkheid om de grenzen van de beperkte beslagbaarheid en overdraagbaarheid toe te passen op inkomsten van de schuldenaar die geen loon zijn, noch bedragen in uitvoering van een leerovereenkomst, statuut of abonnement.
In dergelijke gevallen moet deze aanspraak worden voorgelegd aan de beslagrechter, die de patrimoniale toestand van de schuldenaar grondig zal onderzoeken voordat een dergelijk verzoek wordt toegestaan.
Dit kan bijvoorbeeld van toepassing zijn op huurinkomsten van een beslagene die geen ander inkomen heeft.
Artikel 1409bis laat toe dat de rechter:
• de inkomsten van een zelfstandige behandelt alsof het loon was,
• en dus onderwerpt aan dezelfde beperkte beslagbaarheid,
• mits een voorafgaand verzoek door de schuldenaar zelf.
Voorbeelden uit de praktijk
A. Zelfstandige natuurlijke persoon (eenmanszaak)
De gerechtsdeurwaarder kan de volledige omzet of baten van de zelfstandige viseren.
Maar de zelfstandige kan bij de beslagrechter vragen:
-
• om zijn beroepsinkomen te laten behandelen alsof het loon was,
-
• zodat het onder de beperkte beslagbaarheid komt.
B. Zaakvoerder van een vennootschap
Bezoldiging van een bestuurder/zaakvoerder is géén loon in de zin van de loonbeschermingswetgeving, aangezien er geen arbeidsovereenkomst bestaat.
→ 1409bis is hier van toepassing, niet 1409.
C. Huurinkomsten
Typisch geval: een schuldenaar met uitsluitend huurinkomsten.
Werking van artikel 1409bis Ger. W.
A. Enkel op verzoek van de schuldenaar
De toepassing van artikel 1409bis gebeurt nooit automatisch. De schuldenaar moet zelf aan de beslagrechter vragen om zijn inkomsten, die geen loon zijn, toch onder het stelsel van beperkte beslagbaarheid te laten vallen. De gerechtsdeurwaarder of de derde-beslagene kan dit niet uit eigen beweging inroepen of toepassen. Alleen een expliciet verzoek van de schuldenaar opent de mogelijkheid tot bescherming.
B. Grondig onderzoek door de rechter
Wanneer de schuldenaar een verzoek indient, voert de beslagrechter een grondige beoordeling uit van de volledige financiële situatie. Daarbij houdt hij rekening met de totale vermogenspositie van de schuldenaar, de noodzaak om een bestaansminimum te waarborgen, de regelmaat en de aard van de inkomsten, en het maatschappelijk belang dat met een eventuele bescherming gepaard gaat. Artikel 1409bis fungeert dan ook als een uitzonderingsmechanisme dat een gelijke behandeling mogelijk maakt, maar enkel wanneer de concrete omstandigheden dat rechtvaardigen.
C. Beslissing geldt voor de toekomst
Een beslissing tot toepassing van artikel 1409bis werkt uitsluitend voor de toekomst. Ze heeft geen retroactief effect en kan dus geen impact hebben op reeds verrichte beslagen of betwistingen uit het verleden. De rechter bepaalt vanaf welk moment de bescherming ingaat en de beslissing geldt alleen voor zover en binnen de grenzen van wat door de schuldenaar werd gevraagd.