Regeling volgens het Nieuw Burgerlijk wetboek
Verhaalbaarheid van eigen schulden
Art. 2.3.23 NBW Eerder aangegane schulden en schulden ten laste van nalatenschappen en giften
De schulden van de echtgenoten die dateren van vóór het stelsel en de schulden ten laste van nalatenschappen en giften die hun toevallen tijdens het stelsel, blijven eigen schulden.
Art. 2.3.24 NBW Overige eigen schulden
Eigen zijn:
1°
de schulden door een van de echtgenoten aangegaan in het uitsluitend belang van zijn eigen vermogen;
2°
de schulden ontstaan uit een persoonlijke of zakelijke zekerheid door een van de echtgenoten gesteld in een ander belang dan dat van het gemeenschappelijk vermogen;
3°
de schulden behorende tot een door een van de echtgenoten uitgeoefend beroep dat hem verboden is krachtens artikel 216 van het oud Burgerlijk Wetboek, of ontstaan uit handelingen die een van de echtgenoten niet mocht verrichten zonder de medewerking van de andere echtgenoot of zonder rechterlijke machtiging;
4°
de schulden ontstaan uit een strafrechtelijke veroordeling of uit een onrechtmatige daad begaan door een van de echtgenoten.
Verhaalbaarheid van eigen schulden
Art. 2.3.26 NBW Eigen schulden (verhaalbaarheid)
Met behoud van de toepassing van de paragrafen 2 tot 4, kan een eigen schuld van een van de echtgenoten slechts verhaald worden op diens eigen vermogen en inkomsten.
De schulden die krachtens artikel 2.3.23 eigen zijn aan een van de echtgenoten, kunnen worden verhaald op het gemeenschappelijk vermogen, in zoverre het verrijkt is door opneming van eigen goederen van de schuldenaar.
Het bewijs van de verrijking, dat rust op de schuldeiser, kan worden geleverd door alle bewijsmiddelen.
Schulden behorende tot een door een van de echtgenoten uitgeoefend beroep dat hem verboden is met toepassing van artikel 216 van het oud Burgerlijk Wetboek, of ontstaan uit handelingen die een van de echtgenoten niet mocht verrichten zonder de medewerking van de andere echtgenoot of zonder rechterlijke machtiging, kunnen op het gemeenschappelijk vermogen niet worden verhaald dan in zoverre het uit dat beroep of die handelingen voordeel heeft getrokken.
Het bewijs van het voordeel, dat rust op de schuldeiser, kan worden geleverd door alle bewijsmiddelen.
Dezelfde regels gelden voor de schulden ontstaan uit een strafrechtelijke veroordeling van een van de echtgenoten of uit een onrechtmatige daad door hem begaan.
Indien het eigen vermogen van de echtgenoot-schuldenaar ontoereikend is, kunnen deze schulden bovendien op het gemeenschappelijk vermogen worden verhaald ten belope van de helft van zijn netto-baten.
Verhaalbaarheid gezamenlijk aangegane schulden
Art. 2.3.27 NBW Gezamenlijk aangegane schulden
Een schuld aangegaan door de twee echtgenoten, zelfs in verschillende hoedanigheid, kan zowel verhaald worden op het eigen vermogen van ieder van hen als op het gemeenschappelijk vermogen.
Verhaalbaarheid gemeenschappelijke schulden
Art. 2.3.28 NBW Gemeenschappelijke schulden
Gemeenschappelijke schulden kunnen zowel verhaald worden op het eigen vermogen van elk van de echtgenoten als op het gemeenschappelijk vermogen.
Op het eigen vermogen van de niet-contracterende echtgenoot mogen echter niet worden verhaald:
1°
de schulden door een van de echtgenoten aangegaan ten behoeve van de huishouding en de opvoeding van de kinderen, wanneer zij lasten meebrengen die, gelet op de bestaansmiddelen van het gezin, buitensporig zijn;
2°
de interest van de eigen schulden van een van de echtgenoten;
3°
de schulden door een van de echtgenoten aangegaan bij de uitoefening van zijn beroep;
4°
de onderhoudsschulden jegens afstammelingen van een van de echtgenoten.