Tegen een akkoordvonnis is in principe geen hoger beroep mogelijk, tenzij de overeenkomst niet wettelijk tot stand zou zijn gekomen (artikel 1043, tweede lid Gerechtelijk Wetboek). Een overeenkomst is wettelijk tot stand gekomen indien er een geldige toestemming is, partijen bekwaam zijn om contracten aan te gaan, er een bepaald voorwerp als inhoud van de verbintenis is en er een geoorloofde oorzaak van de verbintenis is (artikel 1108 oud Burgerlijk Wetboek).
Een toestemming is niet geldig, wanner zij door dwaling is ingegeven, door geweld afgeperst of door bedrog verkregen (artikel 1109 oud Burgerlijk Wetboek).In deze beroept mevrouw zich op dwaling en/of bedrog.
Conform artikel 1116 oud Burgerlijk Wetboek is er sprake van bedrog indien er kunstgrepenzijn gebezigd, die van dien aard zijn dat de andere partij de overeenkomst, zonder die kunstgrepen, niet zou hebben aangegaan.
De feitenrechter oordeelt op onaantastbare wijze het bestaan van kunstgrepen.
...
Slechts de verschoonbare dwaling maakt de toestemming gebrekkig en kan aanleiding geven tot nietigheid van de overeenkomst. De dwaling is verschoonbaar indien zij door ieder redelijk, nauwlettend en voorzichtig persoon zou kunnen begaan zijn. De verschoonbaarheid behoort tot de soevereine beoordelingsmacht van de rechter.
Er is er geen sprake van een verschoonbare dwaling wanneer een partij de gelegenheid had om een verder onderzoek te voeren (bv ingegaan op een financiële situatie) maar hiertoe niet is overgegaan.
Zo draagt een partij zelf de gevolgen van het feit ervoor gekozen om zonder raadsman en/of bemiddelaar een overeenkomst te ondertekenen.
Wanneer er geen sprake is van een wilsgebrek, is een akkoordvonnis niet vatbaar voor beroep en kan bijgevolg ook het argument van de gewijzigde omstandigheid niet voor de beroepsrechter naar voor worden gebracht.
Klik hier voor een Model verzoekschrift hoger beroep - algemeen modelKlik hier voor een Model - Model conclusie hoger beroep